Jurriaanse Zaal – Concertgebouw de Doelen – Rotterdam – 20:15 uur
voorprogramma: Ruben Plazier & Lumos Kwintet (19:30)

Doric String Quartet
Alex Redington (viool)
Jonathan Stone (viool)
Hélène Clément (altviool)
John Myerscough (cello)

Benjamin Britten (1913-1976): Strijkkwartet nr.1 in D opus 25 (1941)
Andante sostenuto: Allegro vivo
Allegretto con slancio
Andante calmo
Molto vivace

Joseph Haydn (1732-1809): Strijkkwartet in D opus 20 nr.4 Hob.III:34 (1772)
Allegro di molto
Un poco adagio e affettuoso
Menuetto: Allegretto alla zingarese
Presto scherzando

pauze

Felix Mendelssohn (1809-1847): Strijkkwartet nr.5 in Es opus 44 nr.3 (1838)
Allegro vivace
Scherzo: Assai leggiero vivace
Adagio non troppo
Molto allegro con fuoco

voorprogramma door Ruben Plazier (piano) & Lumos Kwintet

Lumos Kwintet
Manuel Munoz Martínez (viool)
Julie Adalsteinsson (viool)
Rayén Estraviz Rey (altviool)
Nutthan Surinpaeng (cello)
Kornél Koncos (contrabas)

Antonin Dvorak (1841-1904): Strijkkwintet in G Majeur Op. 77
Allegro

Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791): Pianoconcert no. 13 in C KV415 (arrangement voor piano en strijkkwintet)
Allegro


Doric String Quartet

Het Doric String Quartet geldt als een van de toonaangevende Britse strijkkwartetten van de nieuwe generatie. Het kreeg warme reacties van publiek en critici over de hele wereld en ontving onder meer de 1e prijs van de Osaka International Chamber Music Competition in Japan in 2008, de 2e prijs van de Premio Paolo Borciani International String Quartet Competition in Italië en de Ensemble Prijs van de Festspiele Mecklenburg-Vorpommern in Duitsland.

Sinds de oprichting in 1998 heeft het kwartet wereldwijd opgetreden en samengewerkt met artiesten als Ian Bostridge, Philip Langridge, Mark Padmore, Alexander Melnikov, Daniel Müller-Schott, Chen Halevi, het Florestan Trio en pianiste Elisabeth Leonskaja. Na het veelgeprezen Amerikaanse debuut in 2010 in New York en Washington, keert het jaarlijks terug naar de VS. Naast regelmatige optredens in heel Europa en Rusland ondernam het Doric String Quartet concertreizen naar Japan, Israël, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland.

Tot de enthousiast ontvangen cd-opnamen van het Doric String Quartet behoren die met werk van Haydn, de complete strijkkwartetten van Korngold, Walton en Schumann, en Schuberts kwartetten ‘Rosamunde’ en ‘Der Tod und das Mädchen’, en kwartetten van Janáček en Martinů. De derde Haydn-cd met opus 20 werd benoemd tot Editor’s Choice door Gramophone en kreeg in 2015 een Gramophone Award. Opgericht in 1998 op Pro Corda, The National School for Young Chamber Music Players, studeerde het Doric String Quartet vanaf 2002 aan het ProQuartet Professional Training Program in Parijs, onder begeleiding van het Alban Berg, het Artemis, Hagen en LaSalle Kwartet en door de Hongaarse componist György Kurtág. Verder studeerde het viertal aan de Musikakademie in Bazel, waar ze werkten met Rainer Schmidt van het Hagen Kwartet.


Britten in Californië

Benjamin Britten was een van de markante figuren uit het muziekleven van de twintigste eeuw. Met behulp van stijlelementen uit verschillende perioden van de geschiedenis wilde hij een nieuw soort schoonheid creëren en werd zo een heel eigen ‘hedendaagse’ componist muziek. Met zijn vier strijkkwartetten leverde Britten enkele van de belangrijkste twintigste-eeuwse bijdragen aan het genre, waarmee hij zoveel affiniteit had. Brittens broer Robert was violist, en Britten zelf speelde altviool, net als de compositieleraar waarvan hij vanaf zijn dertiende les kreeg, Frank Bridge, zijn grote voorbeeld en stimulator die net als Britten vier hoogst persoonlijke strijkkwartetten op zijn naam heeft staan. Toen Frank Bridge Benjamin Britten en zijn partner, de tenor Peter Pears, op 29 april 1939 per boot zag vertrekken naar Canada, was het de laatste ontmoeting tussen leraar en leerling. Frank Bridge overleed in 1941, het jaar dat Britten aan de andere kant van de oceaan zijn Eerste strijkkwartet in D opus 25 schreef. De zomer van 1941 brachten Britten en Pears door in Californië bij hun vrienden Ethel Bartlett en Rae Robertson. Daar werd Britten door de rijke kunst-mecenas Elizabeth Sprague Coolidge gevraagd een strijkkwartet te schrijven. Dat werd zijn opus 25, voor het eerst uitgevoerd door het Coolidge Quartet in Los Angeles op 21 september 1941. De klankwereld van het kwartet lijkt sterk op die van de opera Peter Grimes, zoals de ijle hoge tonen van het begin (Andante), of de sfeer van het derde deel (Andante calmo) dat vooruit wijst naar de Moonlight Interlude in Peter Grimes. Tussen deze twee delen in staat een scherzo-achtig deel (Allegretto con slancio; slancio = aanloop, sprong, impuls) dat sterk aan Sjostakovitsj herinnert. Het kwartet eindigt met een schuimende en humoristische Finale.


Het strijkkwartet: een nieuwe uitvinding?

Als man van vijfentwintig kwam Joseph Haydn als violist in dienst op het lieflijke slot Weinzierl in de buurt van Wenen. Naar het schijnt begon hij hier voor het eerst in opdracht te componeren. Volgens zijn biograaf Griesinger zou Haydn hier ook het strijkkwartet hebben ‘uitgevonden’, bij toeval. De slotbewoner baron Fürnberg liet vier strijkers komen om allerlei muziek te spelen, en vroeg Haydn voor dit toevallige groepje muziek te componeren. Zo zou het nieuwe genre van het strijkkwartet zijn ontstaan. Sinds dit bericht van Griesinger voor honderd procent als waar is aangenomen, wordt Haydn ‘de vader van het strijkkwartet’ genoemd.

In de jaren 1770 liet Haydn steeds meer van zich horen. Vanuit zijn isolement in het sprookjesachtige paleis Esterháza aan de oever van het Neusiedlermeer leverde hij de toonaangevende muziekuitgevers van Europa een steeds grotere stroom hoogst originele muziek. Zo verschenen zijn Strijkkwartetten opus 20 in 1774 in Parijs. Maar muziekuitgever Hummel gaf ze in 1779 in Amsterdam en Berlijn opnieuw uit, met op het titelblad de afbeelding van een zon. Sindsdien wordt de serie aangeduid met ‘Sonnenquartette.’

Nieuw aan deze kwartetten, vergeleken met de vorige uit opus 9 en 17, is de toegenomen omvang, het grotere contrast tussen de delen, en dat er maar liefst twee in mineur staan (en dát voor stukken die nog ‘divertimento’ heten!). Het overwegend zonnige Strijkkwartet in D opus 20 nr.4 heeft het langste openingsdeel van alle zes. Die wijdlopigheid is al meteen af te lezen aan het hoofdthema dat zich twaalf maten lang aan de luisteraar voorstelt en een uitgebreide doorwerking ondergaat. Het prachtige langzame deel bestaat uit drie variaties over een melancholiek thema dat Haydn ‘sotto voce’ (met zachte stem) gespeeld wil hebben. Op de derde plaats een tegendraads Menuet waarin de Hongaarse zigeunermuziek uit de buurt van paleis Esterháza doorklinkt. De Finale behoort tot de top van wat Haydn tot dan toe voor strijkkwartet had geschreven, vanwege de enorme Schwung en de boeiende combinatie van thema’s en ongebreidelde fantasie.


Terug van de huwelijksreis

Als laatste werk klinkt muziek van Felix Mendelssohn, de Duitse romanticus en workaholic die in zijn hectische carrière als concertpianist en dirigent nog kans zag een geweldige hoeveelheid kamermuziek te componeren, waaronder zelfs negen strijkkwartetten. En dat in de arme achtendertig levensjaren die hem gegund waren.

Vanavond klinkt Mendelssohns Strijkkwartet in Es opus 44 nr. 3, geschreven in Leipzig in februari 1838, de tijd dat hij dirigent was van het befaamde Gewandhausorkest en net terug was van zijn huwelijksreis. En met een paar musici van dit orkest onder leiding van concertmeester Ferdinand David was ook de eerste uitvoering van het werk. Een criticus noemde dit strijkkwartet ‘een van de geestigste en briljantste composities in zijn soort.’ Zo levert het Scherzo zo’n fabelachtig vederlichte en wervelende feeënmuziek als we kennen uit Ein Sommernachtstraum. En het Adagio is een fraai klankjuweel, een soort Lied ohne Worte, waarmee Mendelssohn de weg wees voor verwante kwartetdelen van Smetana, Brahms en Dvořák.

Clemens Romijn

volgend concert: dinsdag 21 november 2017, 20.15 uur
Quatuor Danel speelt Tsjaikovski, Smetana, Brahms